De Opmaat - Thema 1 - Kennismaken en afspreken Dutch words
by miraaaa
achternaam
adres
afspreken
agenda
al
als
antwoord
Wat is jouw antwoord op deze vraag?
apotheker
april
arts
augustus
auto
avond
banaan (de)
bank (de)
beamer (de)
beantwoorden
beetje
beginnen
beker (de)
beroep (het)
bibliotheek (de)
bier (het)
bij
biologisch
bioscoop (de)
blijven
boek (het)
bord (het)
café (het)
cd-speler (de)
computer (de)
concert (het)
cursist (de)
cursus (de)
cursusboek (het)
daar
dag (de)
dan
dank
dansclub (de)
dansen
december
denken
deur (de)
deze
dier (het)
dierentuin (de)
dinsdag
docent (de)
doen
donderdag
dorp (het)
drinken
dubbel
economie (de)
een
eergisteren
ei (het)
elke
en
Engels (het)
eten
expositie (de)
februari
film (de)
fruit (het)
gaan
getal (het)
gisteravond
gisteren
geboortedatum (de)
geboren
geld (het)
geleden
glas (het)
goed
goedemiddag
goedemorgen
goedenacht
goedenavond
goedendag
goh
groep (de)
gum (de)
half
hallo
hard
hè
hebben
heten
hier
hij
hoe
hoi
huis (het)
huiswerk (het)
iets
ijs (het)
jaar (het)
januari
jas (de)
juli
juni
kapstok (de)
kennen
kerk (de)
klok (de)
koffie (de)
komen
kopen
kopje (het)
laat
lamp (de)
land (het)
landkaart (de)
leeftijd (de)
lenen
les (de)
letter (de)
leven
lezen
liggen
lunchen
luisteren
maand (de)
maandag
maart
map (de)
markt (de)
medicijn (het, de)
meestal
mei
middag (de)
mild
miljoen (het)
morgen
museum (het)
muur (de)
muziek (de)
muziekcentrum (het)
naam (de)
naar
nacht (de)
nationaliteit (de)
Nederland
Nederlander (de)
Nederlands (het)
nu
nummer (het)
ochtend (de)
oktober
ontmoeten
oud
overmorgen
pakken
papier (het)
park (het)
pen (de)
pittig
plaats (de)