Lebensmittel und ZutatenNiederländische Wörter
by DuoCards
glutenvrij
glutenfrei
Wij verkopen een assortiment glutenvrije producten.
tonijn
der Thunfisch
Ze ving een grote tonijn tijdens het vissen.
een amandel
eine Mandel
Ze at een amandel als een snelle snack.
komijn
der Kreuzkümmel
Hij voegde komijn toe aan de curry voor extra smaak.
een saus
eine Soße
De chef-kok maakte een heerlijke knoflooksaus voor de vis.
kalkoen
der Truthahn
De kalkoen staat bekend om zijn kenmerkende waaiervormige staart.
een hazelnoot
eine Haselnuss
Hij kraakte een hazelnoot open en at die op met zijn middagthee.
de peper
der Pfeffer
Ik voeg graag de zwarte peper toe aan mijn pasta voor extra smaak.
sesamzaad
der Sesamsamen
Ze strooide sesamzaad over het brood.
een aubergine
eine Aubergine
In de zomer grillen we vaak plakjes van een aubergine op de barbecue.
een zaadje
ein Samen
De leraar legde uit hoe een zaadje na verloop van tijd in een boom verandert.
erwten
die Erbsen
Zij plantte erwten in de tuin.
cashewnoten
Cashewnüsse
Cashewnoten zijn een geweldige bron van gezonde vetten en eiwitten.
anijs
der Anis
In sommige culturen wordt anijs in traditionele dranken gebruikt vanwege zijn aromatische smaak.
kaneel
der Zimt
Ik hou van de geur van kaneel.
de schil
die Schale
Rasp wat van de schil van een limoen over het gerecht voor een verfrissende touch.
een kers
eine Kirsche
Zure kersen kunnen zoeter zijn dan zoete kersen.
chips
Chips
We hebben een grote zak chips gekocht voor het feest.
dille
der Dill
Ze voegde verse dille toe aan de salade voor meer smaak.
de aardappelpuree
das Kartoffelpüree
De aardappelpuree is een geweldig bijgerecht.
een kokosnoot
eine Kokosnuss
Ze opende een kokosnoot om het verse water erin te drinken.
een teentje knoflook
eine Knoblauchzehe
Ik heb een teentje knoflook aan de pastasaus toegevoegd voor extra smaak.
schillen
schälen
Zou je de aardappelen kunnen schillen?

het lam
das Lamm
We hebben gisteravond het lam als avondeten gehad.
linzen
die Linsen
Ze voegde linzen toe aan de salade voor extra eiwitten.
een paprika
eine Paprika
Ze sneed een rode paprika om in de salade te doen.
een taart
eine Torte
We gaan een taart hebben op het feest.

koekjes
die Kekse
Wil je wat koekjes?
het basilicum
das Basilikum
Het basilicum voegt een frisse en aromatische smaak toe aan veel gerechten.
koriander
der Koriander
Ze strooide koriander over de soep ter decoratie.
een pompoen
ein Kürbis
Maak een pompoen leeg en haal alle zaden eruit.
de noedels
die Nudeln
De noedels zijn klaar om geserveerd te worden.
roeren
rühren
Ze roerde de soep om de ingrediënten goed te mengen.
bonen
die Bohnen
Ik heb bonen in de tuin geplant om planten te laten groeien.
de frietjes
die Pommes
De frietjes in dat restaurant zijn echt knapperig en heerlijk.
courgette
die Zucchini
Ze sneed courgette en voegde het toe aan de salade.
eigeel
das Eigelb
Ze scheidde voorzichtig het eiwit van het eigeel voor het recept.
bouillon
die Brühe
Hij at een grote kom kippenbouillon.
roerei
Rührei
Voor het ontbijt eet ik meestal roerei met toast.
kikkererwten
die Kichererbsen
Kikkererwten worden vaak gebruikt om hummus te maken.
gebak
das Gebäck
De bakkerij verkoopt een verscheidenheid aan gebak, waaronder croissants.
poedersuiker
der Puderzucker
Poedersuiker is een geweldige topping voor taarten.
de nootmuskaat
die Muskatnuss
Ze strooide de nootmuskaat over haar warme chocolademelk.
snoepje
das Bonbon
Ze had genoeg snoepjes in haar zak voor alle kinderen.
salie
der Salbei
Salie, munt en dille zijn allemaal kruiden.
gemengde kruiden
gemischte Kräuter
Gemengde kruiden geven een heerlijke aroma aan de pastasaus.
azijn
der Essig
Hij gebruikte azijn om de komkommers in te maken.